Warning: Memcache::addserver() expects parameter 2 to be long, string given in /home/httpd/vhosts/sophieonline.nl/httpdocs/libraries/joomla/cache/storage/memcache.php on line 84
Debat: De christelijke godsdienst is gebaseerd op angst
Sophie
Sophie Sophie


Vraag nu een
GRATIS
proefnummer aan!

Vraag nu een gratis proefnummer aan!
Missie
Soφie is een uitgave van de Stichting voor Christelijke Filosofie. Zij biedt een intellectuele uitdaging door kritisch na te denken over actuele onderwerpen, geïnspireerd door de christelijke traditie.

Redactie
ing. P. de Boer
dhr. A. Deddens
mevr. drs. E.J. van Dijk
mevr. drs. M. Doornenbal
mevr. drs. R. Ebbers-van Aalst
dr. J. Ester
drs. I.D. Haarsma
prof. dr. J. Hoogland
dhr. A. Janse
dr. ir. R.A. Jongeneel
mevr. drs. D.G. Rots
dr. P.H. Vos
dr. K. van der Zwaag
Debat: De christelijke godsdienst is gebaseerd op angst PDF Print Email
Written by   

Eens

Het duurde jaren voordat ik verlost was van indoctrinatie

Als kind groeide ik samen met mijn broer en twee zusjes op in een streng christelijke geloofsgemeenschap. Deze broederschap bezat het ‘enige ware geloof’ op aarde. De Bijbel was hun fundament. De buitenwereld was zondig en verdorven. Wij kinderen mochten niet omgaan met de wereldse mensen; die leefden immers naar hun lusten en begeerten. Wij waren uitverkoren en moesten leren om de satan en zijn verleidingen te weerstaan. Door de zonden in onszelf te overwinnen, konden we volmaakt worden zoals Jezus. Allen die Ik liefheb, bestraf en tuchtig Ik. De leiders adviseerden ouders om de wil van hun kinderen te breken. De lijfelijke straf leerde ons om gehoorzaam te zijn en ons te onderwerpen aan de verkondiging. Dagelijks werden we gewezen op de heilige roeping. Reinheid, ootmoed, dankbaarheid, verdraagzaamheid, vriendelijkheid, behulpzaamheid… Mooie deugden die eindeloos werden herhaald in toespraken en liederen. Feilloos wisten we waaraan we moesten voldoen.

Angst voor straf

Door de angst voor straf, de angst om niet te voldoen aan de religieuze verwachtingen en de angst om alleen achter te moeten blijven als Jezus zijn bruid kwam halen, baden we onze knieën kapot. We ontwikkelden nieuwe eigenschappen die werden geprezen en bekeerden ons steeds opnieuw in speciaal georganiseerde bekeringssamenkomsten voor kinderen. Vooral in de puberteit werd de strijd zwaar. IJdelheid en verliefde gevoelens moesten we opgeven. Drie passen afstand van het andere geslacht en een reine gedachtegang stelden we ervoor in de plaats. Het doel was om te lijden zoals Jezus geleden had. Twijfel was ongeloof. De nachtmerries die we kregen over de wederkomst van Jezus en de grote verschrikkingen die de achterblijvers zouden treffen, waren een waarschuwing van God. De vreze des Heren is het begin der wijsheid. Alle volgelingen van de geloofsgemeenschap werden meegenomen in een stroom van verering, zowel voor de verkondiging als voor de leiders. We voerden dezelfde strijd, leefden dezelfde regels na en streefden naar hetzelfde doel. Als de wereldse mensen om ons lachten, schuilden we bij elkaar en voelden we ons samen sterk. Niemand verdiepte zich in de consequenties van zijn opvoeding. Soms ging het mis. Sommige jongvolwassenen konden niet geloven en verlieten de broederschap, anderen werden weggestuurd om hun geaardheid of ongehoorzaamheid. Ook ik stapte eruit en verloor familie en vrienden. In de ogen van de gelovigen koos ik voor de zonde en de verleidingen van de satan. Als ik me niet opnieuw krachtig zou bekeren, werd de hel mijn eindstation. Het duurde jaren voordat ik verlost was van deze indoctrinatie. Nog steeds kost het moeite om mezelf niet weg te cijferen en ben ik bezig met het terugvinden van mijn ware identiteit. Het schrijven van twee boeken en het bestuderen van de materie heeft me alleen maar verder verwijderd van een godsbeeld. Of de christelijke religie gebaseerd is op angst? Ik heb geen ervaring met de leer van andere kerken. Kinderen die opgroeien in een kleine besloten geloofsgemeenschap, zoals de broederschap waarin ik ben grootgebracht, worden geconfronteerd met een vorm van angst. Deze angst heeft een doel, beoogt een effect, maar vraagt soms ook een grote prijs. De mooie, onvoorwaardelijke liefde van ouders voor hun kinderen wordt dan kapotgemaakt door religieuze overtuigingen.

Ellen Heijmerikx is schrijfster en bloemist. Met haar roman Blinde wereld won ze in 2010 de Academica Debutantenprijs. Onlangs publiceerde ze haar tweede roman, Wij dansen niet.

Oneens

De liefde drijft de angst uit

Als een leraar tegen de laatst binnengekomen leerling zegt: ‘De deur staat open’, geeft hij een opdracht: ‘Doe de deur dicht!’ Wie zegt: ‘De christelijke godsdienst is gebaseerd op angst’ doet iets soortgelijks: naast de zakelijke inhoud geeft hij de opdracht: ‘Geloof het dus niet!’ Er wordt een verband gesuggereerd: omdat geloof op angst gebaseerd is, is het niet waar. Geloof komt bijvoorbeeld voort uit ons onderbewuste, uit de angst voor het donkere niets van de dood. Omdat mensen die angst willen dempen, gaan ze geloven. Het probleem van dit soort psychologische argumenten is dat je ze ook om kunt keren: omdat mensen bang zijn voor God, doen ze alsof Hij niet bestaat. Waarom is dit laatste argument niet overtuigend voor een atheïst? Omdat het vooronderstelt dat God bestaat. Zo zit het ook met het argument dat God niet bestaat omdat mensen hun angst dempen met een troostrijke God: het overtuigt niet omdat het uitgaat van wat het moet bewijzen. Men gaat ervan uit dat God niet bestaat en dan verklaart men waarom er toch mensen zijn die in Hem geloven. Conclusie: het omdat is ongegrond.

Maar dan: hoe zit het met de angst in het christelijk geloof? Angst is een basisemotie in de mens, naast bijvoorbeeld woede en vreugde. Niet verkeerd dus om erover na te denken. Angst wordt in de psychologie vooral verbonden met onverbondenheid. De angst in een jong kind om de ouders te verliezen is wat dit betreft misschien wel de angst aller angsten, even existentieel als doodsangst. Hier geldt: betrouwbare ouderliefde drijft de angst uit. Als die ouderliefde er echter niet is zal het kind, om de angst te ontlopen, onbewust de hardste psychische defensiemechanismen opbouwen: het zal zich bijvoorbeeld niet meer hechten. Het ‘ik’ doet dan afstand van een van zijn mooiste sieraden: de affectieve gerichtheid naar anderen. Conclusie: angst is een basisemotie die hoort bij de altijd risicovolle mogelijkheid van waardevolle verbondenheid. Laten we met deze definitie eens over God gaan nadenken. Als er in iemand geen hoop op verbondenheid is, omdat hij bijvoorbeeld denkt dat God niet bestaat, zal er geen angst zijn. De angst voor onverbondenheid zal zich overigens nog steeds laten gelden, bijvoorbeeld in de angst voor het verliezen van de goedkeuring van de sociale groep waartoe men hoort. Juist als er een begin van een relatie met God komt, komt er ook de mogelijkheid van angst. Maar dat is vaak niet het eerste: het eerste is een ander gevoel, namelijk ontzag, of ‘vreze’. Het is een allerdiepst ontzag als je staat voor de Schepper van het universum en je bovendien door gaat krijgen dat Hij een Hij is en geen Groot Het. Door dit ontzag – dat geen angst is – wordt de hunkering naar relatie aangewakkerd; het is daarbij overigens de Geest die ons aanvuurt. Maar dan komt er, door de grotere verbondenheid, ook de reële situatie van angst: als je gaat beseffen dat Hij zuiver is en jij niet. Deze verbondenheid is zo beslissend en dus ook deze angst zo elementair, dat de angst voor elk horizontaal gezichtsverlies kleiner wordt: je wordt een zelfstandiger mens. Maar alleen God kan ons helpen om door die angst voor Hem heen te komen. Daarvoor heeft Hij ons Christus gegeven, de genade in Hem: want ‘niemand heeft dieper liefde dan Hij die zijn leven geeft voor zijn vrienden’. Wie die kwaliteit van liefde kent, weet: deze volmaakte liefde drijft mijn angst uit (1 Joh. 4:18). Alle angst, zeker ook die voor de peergroup of de dood.

Guus Labooy is predikant binnen de PKN en werkte daarvoor als arts in de psychiatrie.

 
Sophie